Andy Adult Baby
André Adult baby zoekt contact met mede AB,ers
Even voorstellen: mijn kennis is 57 jaar en ik ben ongeveer 59 jaar.
Vandaag gingen wij een boswandeling maken in het bos bij Bergen op Zoom. Ik was daar samen met een vriend een grote ronde aan het lopen.
Na ongeveer tien minuten sprong er ineens iemand uit de bosjes. We werden allebei vastgepakt. Ik voelde een prik in mijn hals en dacht: wat doet hij nou?
Ongeveer tien minuten later werden we allebei wakker in een busje. We begonnen te schreeuwen: “Help, help!” De mannen stopten de bus en kwamen met nog twee spuiten aanlopen. Ik dacht: dat is wel genoeg tot aan huis.
Daarna hebben we even nergens meer last van gehad. Na een uur rijden kwamen we aan op de bestemming. De mannen zetten ons in een soort rolstoel en reden ons naar binnen.
Op een gegeven moment werden we weer wakker. Ik wilde schreeuwen, maar dat kon niet, want ik had iets in mijn mond. Het leek op een grote speen en ik kon helemaal niets zeggen. Ik voelde ook iets dikks tussen mijn benen. Heb ik nu een luier om?
Ik probeerde te bewegen, maar ik lag met een segufix vast aan het bed. Ik keek naast mij en zag dat mijn vriend ook vastlag, net als ik. Ook hij kon niets zeggen.
Ik probeerde geluid te maken, maar het enige wat eruit kwam was: mmmmmmm, mmmm, mmm. Meer kon ik niet zeggen.
Een van de mannen kwam binnen met een bivakmuts op.
Zo, jullie zijn wakker, zei hij, terwijl hij het hek van het bed omlaag deed.
Ik begon te bewegen.
Rustig maar, ik kom alleen even je luier controleren.
Hij voelde tussen mijn liezen en zei: Zo jongen, goed zo, je bent nog droog.
Het hek werd weer omhoog gedaan. Dan ga ik ook even je broertje controleren. Zo, jouw luier is goed nat, jongen. Je moet een voorbeeld nemen aan je broertje.
Hij vervolgde: Ik doe jullie een voorstel: ik ga jullie niet één voor één verschonen, maar allebei tegelijk. Dat betekent dat als de één ‘bah’ heeft gedaan en de ander niet, jullie allebei geen schone luier krijgen.
Bij ons beiden werd het bedhek weer omhoog gedaan.
Ga nog maar even slapen. Dadelijk komt de verpleegster en die zal jullie vertellen wat wij van plan zijn.
Mijn luier was inmiddels ook niet meer droog. Ik dacht: als ze zo komt, krijgen we dan een schone luier of mag hij af? Rustig vielen wij weer in slaap.
Een uur later ging het licht aan.
Zo, babytjes, wakker worden!
We lagen nog lekker te slapen. Voor ons stond een mooie vrouw met blond haar.
Zo jongens, ik kom jullie even verschonen en kijken of jullie nog een schone luier aan hebben.
Inmiddels was mijn luier goed nat en vies; ik had het niet meer kunnen ophouden.
Zo, zei ze, ik ruik dat jullie allebei goed je best hebben gedaan.
Ik begon te bewegen in mijn ledikant, maar kon geen kant op. Mijn benen en armen werden losgemaakt, evenals de brede band om mijn middel.
Als jullie niet doen wat ik zeg, worden jullie onmiddellijk weer vastgelegd, zei ze.
Mijn broertje werd ook losgemaakt.
Zo, nu kan ik bij jullie allebei de luier even controleren.
Nou jongens, jullie hebben aardig je best gedaan.
We konden nog niets zeggen, omdat we nog steeds die grote speen in onze mond hadden.
We kregen allebei een leren babyharnas om. Aan beide kanten zat een riem, zodat we niet weg konden lopen.
Blijf maar even rustig liggen.
Ze liep naar de kast en kwam terug met twee grote luiers met beestjes erop.
Zo, wie eerst? Nou, laten we met jou beginnen. Ik noem jou Andy en je broertje Leon.
De plakkers van mijn luier werden losgemaakt en de luier werd naar voren opengeklapt.
Nou, deze had niet veel langer moeten wachten.
Ze trok latex handschoenen aan, pakte schoonmaakdoekjes en maakte alles schoon. Daarna legde ze de schone luier onder mijn billen en liep naar mijn broertje Leon.
Ze trok langzaam haar latex handschoenen aan. Het zachte klik van het rubber klonk ineens veel harder in de stille kamer. Daarna pakte ze een stapel schoonmaakdoekjes en begon alles zorgvuldig schoon te maken.
Toen ze klaar was, schoof ze een schone luier onder mijn billen en liep naar mijn broertje Leon.
Zo… eens kijken naar jouw luier, zei ze terwijl ze hem bekeek. Daarna keek ze ons allebei aan en glimlachte flauwtjes.
Jullie zijn allebei weer lekker vies. Stoute baby’s.
Haar woorden bleven in mijn hoofd hangen terwijl we daar lagen, naast elkaar in het babyledikant. De kamer rook naar schoonmaakmiddel en iets scherps dat ik niet kon plaatsen.
Ik haal de dokter even, zei ze uiteindelijk.
De deur viel dicht.
De minuten daarna voelden eindeloos. Ik hoorde Leon zacht bewegen naast me, maar niemand van ons zei iets. Het enige geluid was het tikken van een klok ergens verderop in de gang.
Toen ging de deur weer open.
De dokter kwam naar binnen, rustig en zonder haast. Hij keek ons een tijdje zwijgend aan voordat hij begon te praten.
Jongens,” zei hij kalm, ik ga jullie uitleggen wat er gaat gebeuren.
Zijn stem was vriendelijk, maar er zat iets in dat me ongemakkelijk maakte.
Hij vertelde dat hij en zijn vrouw nooit kinderen hadden kunnen krijgen. Dat ze het daarom fijn vonden om voor ons te zorgen. Dat wij hier zouden blijven, en dat alles geregeld zou worden zodat wij volledig afhankelijk van hun zorg zouden zijn.
Terwijl hij sprak, begon de assistente spullen klaar te leggen op een metalen tafel. Kleine instrumenten, flesjes, en andere dingen die ik niet goed kon zien vanaf het bed.
Het geluid van metaal tegen metaal galmde door de kamer.
Is alles klaar? vroeg de dokter uiteindelijk.
Bijna, antwoordde de assistente.
Hij trok een beschermend pak aan en knikte langzaam. Daarna keek hij weer naar mij.
Leg het hoofdeinde een beetje omhoog, zei hij tegen haar. “Dan kan hij het beter zien.
Mijn hart begon sneller te kloppen terwijl het bed een stukje omhoog werd gezet. Het felle licht boven me ging aan en verblindde me even.
De dokter stapte dichterbij. Alles om hem heen leek ineens heel stil.
Hij werkte geconcentreerd, terwijl de assistente hem de instrumenten aangaf. Af en toe hoorde ik het zachte gerinkel van metaal of het schuiven van een karretje.
Niemand sprak nog.
Alleen de klok in de gang tikte verder.
En met elke seconde voelde de kamer kleiner worden.
Na een tijdje stapte de dokter weer achteruit en keek hij naar zijn werk. De assistente ruimde ondertussen de instrumenten op en legde alles netjes terug op het metalen karretje.
Goed, zei hij uiteindelijk rustig. Alles is klaar. Nu moet het alleen nog herstellen.
Ik hoorde het zachte geritsel van verband en het klikken van materialen die werden opgeruimd. Daarna voelde ik hoe er een nieuwe, schone luier werd vastgemaakt.
Zo, zei de assistente. Dat zit weer goed.
De dokter draaide zich om naar de vrouw die ons eerder had verzorgd.
Bij hem is alles in orde, zei hij. Nu doen we hetzelfde bij zijn broertje, Leon.
Mijn maag draaide om toen ik dat hoorde. Naast me lag Leon stil, zijn ogen groot terwijl hij naar het plafond staarde.
De tijd daarna ging traag voorbij. De kamer werd steeds stiller terwijl de dokter en zijn assistente verder werkten. Af en toe hoorde ik hun gedempte stemmen of het schuiven van een karretje over de vloer.
Uiteindelijk, wat ongeveer een uur later moest zijn geweest, kwam de dokter weer bij ons staan. Hij keek tevreden.
Zo, zei hij tegen de vrouw. Nu heb je twee baby’s om voor te zorgen.
Hij sprak kalm verder en gaf haar een paar instructies voor de komende dagen. Alles moest rustig herstellen en ze moesten goed in de gaten gehouden worden.
Over een week kom ik terug om te controleren of alles goed gaat, zei hij terwijl hij zijn handschoenen uittrok. Dan horen we of alles gelukt is.
Daarna pakte hij zijn tas, knikte nog één keer naar de assistente en liep naar de deur.
De kamer werd weer stil.
De volgende ochtend werden we vroeg wakker gemaakt.
Opstaan jongens, vandaag is de grote dag, klonk het opgewekt.
Het licht was fel en ik moest even knipperen met mijn ogen. Leon gaapte naast me terwijl we werden geholpen om ons klaar te maken.
Alles ging snel. Kleren werden aangereikt, dekens opgevouwen en binnen een paar minuten stonden we klaar.
Goed zo,” zei ze tevreden. “Jullie zien er perfect uit.
Buiten stond de auto al klaar. De lucht was warm en stil terwijl we instapten. Niemand vertelde waar we heen gingen.
De rit duurde ongeveer een half uur. Ik keek uit het raam naar de huizen die langzaam voorbijgleden.
Toen stopten we voor een groot gebouw.
Boven de ingang stond in grote letters: Medisch Centrum.
Mijn maag draaide zich om.
Binnen moesten we ons melden bij een balie. De vrouw achter de balie keek even naar ons en knikte.
O ja, zei ze. Daar werd vanmorgen al over gesproken. Neemt u maar plaats in de wachtkamer.
Leon en ik gingen naast elkaar zitten. De stoelen waren koud en het voelde ineens erg stil.
Wat gaan ze doen? fluisterde Leon.
Ik haalde mijn schouders op.
Dat merk je zo wel, zei de vrouw rustig.
Nog geen twee minuten later kwamen er twee assistentes de kamer binnen.
Daar zijn jullie, zei één van hen vriendelijk. Willen jullie met ons meelopen?
We volgden hen door een lange gang met witte muren. Aan het einde gingen ze een kamer binnen en gebaarden dat we naar binnen mochten komen.
In het midden van de ruimte stonden twee grote stoelen naast elkaar.
Ze leken een beetje op tandartsstoelen.
Neem maar plaats, zei één van de assistentes.
Leon keek even naar mij.
En op dat moment voelde ik opnieuw dat zenuwachtige gevoel in mijn buik terugkomen.
Leon keek me even aan. Ik zag aan zijn gezicht dat hij hetzelfde voelde.
Toen ging de deur open.
Twee mannen in witte jassen kwamen de kamer binnen. Hun stemmen klonken rustig, maar er zat iets afstandelijks in.
Daar zijn jullie, zei één van hen. “Kom, ga maar liggen.
De stoelen werden naar achteren geklapt totdat we bijna naar het plafond keken. Felle lampen gingen boven ons aan.
Ik wilde opstaan, maar een hand op mijn schouder hield me tegen.
Rustig, zei de dokter. “We gaan alleen even kijken.
Leon gehoorzaamde en bleef stil liggen. Ik hoorde het zachte gerinkel van metalen instrumenten die op een tafel werden gelegd.
Gewoon even je mond openen, zei de dokter naast mij.
Leon deed wat hem gevraagd werd. De dokter keek aandachtig en maakte aantekeningen op een tablet.
Bij mij ging het minder makkelijk. Mijn hart bonsde in mijn borst en ik voelde hoe mijn handen begonnen te zweten.
Adem rustig, zei hij. Het duurt maar een moment.
De lamp boven mijn gezicht was fel en verblindend. Ik hoorde lucht uit een klein apparaatje blazen en het zachte tikken van instrumenten tegen metaal.
Naast mij klonk de stem van de andere dokter.
Ik denk dat ik al weet wat er moet gebeuren, zei hij tegen zijn collega.
Ja, antwoordde de ander. Dat denk ik ook.
Even later kwamen er twee assistentes de kamer binnen. Ze rolden een klein karretje met apparatuur en infuuspaal naar ons toe.
De apparaten begonnen zacht te piepen terwijl ze alles instelden, de naald van het infuus werd in onze arm geprikt.
Ik keek naar Leon. Hij lag stil in zijn stoel, maar zijn ogen waren groot.
Niemand vertelde ons precies wat er ging gebeuren.
En dat maakte het alleen maar spannender.
De assistente bereidde iets voor en fluisterde tegen ons dat we rustig moesten blijven liggen. Langzaam voelde ik mijn ogen zwaar worden en viel bijna in slaap. Leon lag naast me, stil en gespannen.
Toen ging de deur open en de artsen kwamen binnen. Hij keek naar ons en glimlachte op een afstand. Zo, jullie liggen er netjes bij, zei hij, terwijl hij onze rust bekeek. Lekker warm en comfortabel.
De stoel werd voorzichtig naar achteren gekanteld. Alles voelde vreemd en ongemakkelijk, maar niemand zei iets strengs. Alleen het geluid van zachte machines en het tikken van de klok vulde de ruimte.
Rustig maar, zei de arts kalm. Het is allemaal routine. Niets om bang voor te zijn.
Ik kon voelen dat Leon naar me keek, zijn ogen groot van spanning. Zelf probeerde ik rustig adem te halen. De assistente controleerde alles nog één keer, en daarna lieten ze ons langzaam bijkomen.
Goedemorgen, zei de arts zachtjes. Alles is netjes verlopen, jullie zijn veilig en alles is onder controle.
Kort daarna kwamen de assistentes binnen met een schone luiers en wat we nodig hadden om ons comfortabel te maken. We voelden ons voorzichtig beter en konden rustig om ons heen kijken.
Ik probeerde iets te zeggen, maar het lukte niet. Alles voelde vreemd en vreemd stil. Leon en ik keken elkaar aan en beseften dat onze enige manier om te communiceren de bewegingen van onze handen en ogen was.
De artsen en assistentes keken even naar ons en knikten geruststellend. “Rustig maar, jullie zijn veilig. Alles gaat goed,” zei een van hen zachtjes. Daarna verlieten ze de kamer om even overleg te hebben.
Wij lagen daar stil, onze handen bewegend, elkaar proberen te begrijpen. Het voelde vreemd om niet te kunnen praten, maar tegelijkertijd hield het ons alert: we moesten op elkaar letten.
De kamer was stil, op het zachte gezoem van de machines na. Ik wist dat er een plan was, iets dat later zou volgen, maar voor nu moesten we afwachten en proberen rustig te blijven.
Leon keek me even aan en glimlachte een klein beetje. Zelfs in deze vreemde, ongemakkelijke situatie konden we nog contact maken—met onze ogen, onze handen, en ons verstand.
De kamer rook naar schoonmaakmiddel en zacht parfum, maar de spanning in mijn buik bleef. Wat er vandaag verder zou gebeuren, wisten we nog niet.
Na een kwartier kwamen de artsen binnen die wij eerder op de dag hebben gezien, ze namen naast ons plaats op de kruk. Zo jongens de laatste etappe.
De stoelen gingen weer naar achteren, jullie hoeven hier niet volledig onder verdoving, Misschien Andy wel maar we zullen kijken hoever we komen. Andy had nog steeds de klem in zijn mond.
We werden naar de stoelen geleid in een lichte behandelkamer. Overal hingen monitors, er stonden karretjes met instrumenten en op de wanden waren posters van anatomie en medische richtlijnen. Het rook naar ontsmettingsmiddel en steriele doekjes.
Even rustig blijven, jongens, zei de assistente kalm. Alles is voorbereid en veilig.
De artsen controleerden de monitors en legden uit wat er ging gebeuren. We zullen alleen lokale verdoving gebruiken, zodat jullie geen pijn voelen bij de behandeling, zei een van hen. Het kan een beetje vreemd voelen, maar het is veilig en tijdelijk.
Leon keek naar mij terwijl een klein apparaatje zachtjes over zijn kaak werd geplaatst. Het voelde koel en wiebelig. Ik hield mijn adem in terwijl de assistente voorzichtig een spuitje gereedmaakte, gevuld met een verdovingsmiddel Articaïne. Ze prikte alleen in de huid rondom het behandelingsgebied, niets meer.
Even laten inwerken, zei ze. Het voelde alsof de tijd stil stond. We konden nog steeds praten, bewegen en alles om ons heen zien. Alleen het gebied rond onze mond en kaak voelde langzaam zwaar en tintelend aan.
De artsen werkten nauwkeurig en rustig. Hun handen bewogen efficiënt, elk instrument zorgvuldig gecontroleerd. Ze controleerden onze reactie op de verdoving en stelden ons gerust.
Zo, alles ziet er goed uit, zei een van de artsen. Nu kunnen we veilig verder met het onderzoek.
We konden nog steeds communiceren met onze handen en blikken, maar het gevoel van medische precisie en controle in de kamer hield ons alert. Elk instrument, elke monitor, elk geluid droeg bij aan de spanning niet omdat het gevaarlijk was, maar omdat alles zo professioneel en klinisch voelde.
Hij zei zo we gaan beginnen, hij pakte een zijn instrumenten, even kijken, nou je bent niet echt zuinig geweest op je tandjes, langszaam vulde mijn luier zicht van angst, Leon zijn luier begon ik ook te ruiken, zo babytjes luiertje als goed gebruikt. Hij pakte zijn boor en begon in mijn tanden te boren en te frikken, hij begon achterin bij de kiezen, hij pakte een tang, ik dacht nee toch, en voor dat ik het wist waren al mijn tanden verwijderd. mijn luier was zo vies en nat dat ik een overstroom luier had en lag ik mijn eigen ontlasting op mijn rug. Nou beide nog even alles hechten en dan kunnen jullie weer meer met je mama en papa. Na 10 minuten was de arts klaar. En viel het tegen zei de arts, wij knikte allebei nee.
Laat alles maar rustig genezen, dan kunnen we als jullie groot worden nog wel implantaten plaatsen als je ouders dat willen. Maar voor zover zijn jullie klaar. Ik roep jullie mama binnen en vraag jullie gelijk te verschonen, dat mag gewoon op de stoel hoor.
Komt u maar binnen, Alles is goed uitgevoerd zoals van te voren besproken, Ze zijn volledig op jullie toevertrouwd, Je mag ze verschonen wanneer het jullie uitkomt, wel zal ik als advies geven dat er wel luiers en inleggers aangeschaft moeten worden, deze zal ik voorschrijven voor de apotheek, en worden dan afgeleverd bij jullie huis, ook zal ik er wat plasticbroekjes bij leveren. Ga eruit dat je ongeveer 6 a 8 luiers per dag. Oke en als het te weinig is laat het dan gerust even weten dan pas ik dit aan.
Zal ook een aantal flessen bestellen voor ze, een aantal rompertjes en overige baby attributen.
Ja mag ik ze nog even verschonen vroeg mama aan de assistente, anders word het zon vieze boel in de auto, zo jongens jullie hebben goed je best gedaan.
Ga maar eest even op de stoel zitten, het is helemaal boven je luier uitgekomen, ga eens staan viezerik, en je broertje is ook al zo vies.
Na een half uurtje waren de stoelen schoon, en hadden allebei weer een frisse witte luier om en kregen erover heen een t-shirt met de text wij zijn baby's voor 100 %, zo zei moeder lopen jullie mee naar de auto, maar ik gaf de romper aan moeder, nee jullie lopen maar zo mee naar de auto.
Wij waggelde achter onze moeder aan, onderweg kwamen we nog andere mensen tegen, kijk eens wat schattig zeiden ze. grote Baby's.
Aangekomen thuis werden we uit de auto geholpen, zo welkom thuis, wij hebben spullen besteld voor jullie, een stoel, schommelpaard, commode, wieg, box enz.
Gaan jullie maar lekker samen in de box spelen.
Toen ging de bel, dit was de apotheek, wij hebben begrepen van de arts dat de luiers met spoed besteld moesten worden, ik heb nu 20 pakken ultima met absorin inleggers bij mij, volgende week leveren wij de rest. Plastic broeken moeten wij ook nog naleveren.
Oke zei moeder, en we leefden nog lang en (gelukkig) als baby verder.
Vandaag gingen wij een boswandeling maken in het bos bij Bergen op Zoom. Ik was daar samen met een vriend een grote ronde aan het lopen.
Na ongeveer tien minuten sprong er ineens iemand uit de bosjes. We werden allebei vastgepakt. Ik voelde een prik in mijn hals en dacht: wat doet hij nou?
Ongeveer tien minuten later werden we allebei wakker in een busje. We begonnen te schreeuwen: “Help, help!” De mannen stopten de bus en kwamen met nog twee spuiten aanlopen. Ik dacht: dat is wel genoeg tot aan huis.
Daarna hebben we even nergens meer last van gehad. Na een uur rijden kwamen we aan op de bestemming. De mannen zetten ons in een soort rolstoel en reden ons naar binnen.
Op een gegeven moment werden we weer wakker. Ik wilde schreeuwen, maar dat kon niet, want ik had iets in mijn mond. Het leek op een grote speen en ik kon helemaal niets zeggen. Ik voelde ook iets dikks tussen mijn benen. Heb ik nu een luier om?
Ik probeerde te bewegen, maar ik lag met een segufix vast aan het bed. Ik keek naast mij en zag dat mijn vriend ook vastlag, net als ik. Ook hij kon niets zeggen.
Ik probeerde geluid te maken, maar het enige wat eruit kwam was: mmmmmmm, mmmm, mmm. Meer kon ik niet zeggen.
Een van de mannen kwam binnen met een bivakmuts op.
Zo, jullie zijn wakker, zei hij, terwijl hij het hek van het bed omlaag deed.
Ik begon te bewegen.
Rustig maar, ik kom alleen even je luier controleren.
Hij voelde tussen mijn liezen en zei: Zo jongen, goed zo, je bent nog droog.
Het hek werd weer omhoog gedaan. Dan ga ik ook even je broertje controleren. Zo, jouw luier is goed nat, jongen. Je moet een voorbeeld nemen aan je broertje.
Hij vervolgde: Ik doe jullie een voorstel: ik ga jullie niet één voor één verschonen, maar allebei tegelijk. Dat betekent dat als de één ‘bah’ heeft gedaan en de ander niet, jullie allebei geen schone luier krijgen.
Bij ons beiden werd het bedhek weer omhoog gedaan.
Ga nog maar even slapen. Dadelijk komt de verpleegster en die zal jullie vertellen wat wij van plan zijn.
Mijn luier was inmiddels ook niet meer droog. Ik dacht: als ze zo komt, krijgen we dan een schone luier of mag hij af? Rustig vielen wij weer in slaap.
Een uur later ging het licht aan.
Zo, babytjes, wakker worden!
We lagen nog lekker te slapen. Voor ons stond een mooie vrouw met blond haar.
Zo jongens, ik kom jullie even verschonen en kijken of jullie nog een schone luier aan hebben.
Inmiddels was mijn luier goed nat en vies; ik had het niet meer kunnen ophouden.
Zo, zei ze, ik ruik dat jullie allebei goed je best hebben gedaan.
Ik begon te bewegen in mijn ledikant, maar kon geen kant op. Mijn benen en armen werden losgemaakt, evenals de brede band om mijn middel.
Als jullie niet doen wat ik zeg, worden jullie onmiddellijk weer vastgelegd, zei ze.
Mijn broertje werd ook losgemaakt.
Zo, nu kan ik bij jullie allebei de luier even controleren.
Nou jongens, jullie hebben aardig je best gedaan.
We konden nog niets zeggen, omdat we nog steeds die grote speen in onze mond hadden.
We kregen allebei een leren babyharnas om. Aan beide kanten zat een riem, zodat we niet weg konden lopen.
Blijf maar even rustig liggen.
Ze liep naar de kast en kwam terug met twee grote luiers met beestjes erop.
Zo, wie eerst? Nou, laten we met jou beginnen. Ik noem jou Andy en je broertje Leon.
De plakkers van mijn luier werden losgemaakt en de luier werd naar voren opengeklapt.
Nou, deze had niet veel langer moeten wachten.
Ze trok latex handschoenen aan, pakte schoonmaakdoekjes en maakte alles schoon. Daarna legde ze de schone luier onder mijn billen en liep naar mijn broertje Leon.
Ze trok langzaam haar latex handschoenen aan. Het zachte klik van het rubber klonk ineens veel harder in de stille kamer. Daarna pakte ze een stapel schoonmaakdoekjes en begon alles zorgvuldig schoon te maken.
Toen ze klaar was, schoof ze een schone luier onder mijn billen en liep naar mijn broertje Leon.
Zo… eens kijken naar jouw luier, zei ze terwijl ze hem bekeek. Daarna keek ze ons allebei aan en glimlachte flauwtjes.
Jullie zijn allebei weer lekker vies. Stoute baby’s.
Haar woorden bleven in mijn hoofd hangen terwijl we daar lagen, naast elkaar in het babyledikant. De kamer rook naar schoonmaakmiddel en iets scherps dat ik niet kon plaatsen.
Ik haal de dokter even, zei ze uiteindelijk.
De deur viel dicht.
De minuten daarna voelden eindeloos. Ik hoorde Leon zacht bewegen naast me, maar niemand van ons zei iets. Het enige geluid was het tikken van een klok ergens verderop in de gang.
Toen ging de deur weer open.
De dokter kwam naar binnen, rustig en zonder haast. Hij keek ons een tijdje zwijgend aan voordat hij begon te praten.
Jongens,” zei hij kalm, ik ga jullie uitleggen wat er gaat gebeuren.
Zijn stem was vriendelijk, maar er zat iets in dat me ongemakkelijk maakte.
Hij vertelde dat hij en zijn vrouw nooit kinderen hadden kunnen krijgen. Dat ze het daarom fijn vonden om voor ons te zorgen. Dat wij hier zouden blijven, en dat alles geregeld zou worden zodat wij volledig afhankelijk van hun zorg zouden zijn.
Terwijl hij sprak, begon de assistente spullen klaar te leggen op een metalen tafel. Kleine instrumenten, flesjes, en andere dingen die ik niet goed kon zien vanaf het bed.
Het geluid van metaal tegen metaal galmde door de kamer.
Is alles klaar? vroeg de dokter uiteindelijk.
Bijna, antwoordde de assistente.
Hij trok een beschermend pak aan en knikte langzaam. Daarna keek hij weer naar mij.
Leg het hoofdeinde een beetje omhoog, zei hij tegen haar. “Dan kan hij het beter zien.
Mijn hart begon sneller te kloppen terwijl het bed een stukje omhoog werd gezet. Het felle licht boven me ging aan en verblindde me even.
De dokter stapte dichterbij. Alles om hem heen leek ineens heel stil.
Hij werkte geconcentreerd, terwijl de assistente hem de instrumenten aangaf. Af en toe hoorde ik het zachte gerinkel van metaal of het schuiven van een karretje.
Niemand sprak nog.
Alleen de klok in de gang tikte verder.
En met elke seconde voelde de kamer kleiner worden.
Na een tijdje stapte de dokter weer achteruit en keek hij naar zijn werk. De assistente ruimde ondertussen de instrumenten op en legde alles netjes terug op het metalen karretje.
Goed, zei hij uiteindelijk rustig. Alles is klaar. Nu moet het alleen nog herstellen.
Ik hoorde het zachte geritsel van verband en het klikken van materialen die werden opgeruimd. Daarna voelde ik hoe er een nieuwe, schone luier werd vastgemaakt.
Zo, zei de assistente. Dat zit weer goed.
De dokter draaide zich om naar de vrouw die ons eerder had verzorgd.
Bij hem is alles in orde, zei hij. Nu doen we hetzelfde bij zijn broertje, Leon.
Mijn maag draaide om toen ik dat hoorde. Naast me lag Leon stil, zijn ogen groot terwijl hij naar het plafond staarde.
De tijd daarna ging traag voorbij. De kamer werd steeds stiller terwijl de dokter en zijn assistente verder werkten. Af en toe hoorde ik hun gedempte stemmen of het schuiven van een karretje over de vloer.
Uiteindelijk, wat ongeveer een uur later moest zijn geweest, kwam de dokter weer bij ons staan. Hij keek tevreden.
Zo, zei hij tegen de vrouw. Nu heb je twee baby’s om voor te zorgen.
Hij sprak kalm verder en gaf haar een paar instructies voor de komende dagen. Alles moest rustig herstellen en ze moesten goed in de gaten gehouden worden.
Over een week kom ik terug om te controleren of alles goed gaat, zei hij terwijl hij zijn handschoenen uittrok. Dan horen we of alles gelukt is.
Daarna pakte hij zijn tas, knikte nog één keer naar de assistente en liep naar de deur.
De kamer werd weer stil.
De volgende ochtend werden we vroeg wakker gemaakt.
Opstaan jongens, vandaag is de grote dag, klonk het opgewekt.
Het licht was fel en ik moest even knipperen met mijn ogen. Leon gaapte naast me terwijl we werden geholpen om ons klaar te maken.
Alles ging snel. Kleren werden aangereikt, dekens opgevouwen en binnen een paar minuten stonden we klaar.
Goed zo,” zei ze tevreden. “Jullie zien er perfect uit.
Buiten stond de auto al klaar. De lucht was warm en stil terwijl we instapten. Niemand vertelde waar we heen gingen.
De rit duurde ongeveer een half uur. Ik keek uit het raam naar de huizen die langzaam voorbijgleden.
Toen stopten we voor een groot gebouw.
Boven de ingang stond in grote letters: Medisch Centrum.
Mijn maag draaide zich om.
Binnen moesten we ons melden bij een balie. De vrouw achter de balie keek even naar ons en knikte.
O ja, zei ze. Daar werd vanmorgen al over gesproken. Neemt u maar plaats in de wachtkamer.
Leon en ik gingen naast elkaar zitten. De stoelen waren koud en het voelde ineens erg stil.
Wat gaan ze doen? fluisterde Leon.
Ik haalde mijn schouders op.
Dat merk je zo wel, zei de vrouw rustig.
Nog geen twee minuten later kwamen er twee assistentes de kamer binnen.
Daar zijn jullie, zei één van hen vriendelijk. Willen jullie met ons meelopen?
We volgden hen door een lange gang met witte muren. Aan het einde gingen ze een kamer binnen en gebaarden dat we naar binnen mochten komen.
In het midden van de ruimte stonden twee grote stoelen naast elkaar.
Ze leken een beetje op tandartsstoelen.
Neem maar plaats, zei één van de assistentes.
Leon keek even naar mij.
En op dat moment voelde ik opnieuw dat zenuwachtige gevoel in mijn buik terugkomen.
Leon keek me even aan. Ik zag aan zijn gezicht dat hij hetzelfde voelde.
Toen ging de deur open.
Twee mannen in witte jassen kwamen de kamer binnen. Hun stemmen klonken rustig, maar er zat iets afstandelijks in.
Daar zijn jullie, zei één van hen. “Kom, ga maar liggen.
De stoelen werden naar achteren geklapt totdat we bijna naar het plafond keken. Felle lampen gingen boven ons aan.
Ik wilde opstaan, maar een hand op mijn schouder hield me tegen.
Rustig, zei de dokter. “We gaan alleen even kijken.
Leon gehoorzaamde en bleef stil liggen. Ik hoorde het zachte gerinkel van metalen instrumenten die op een tafel werden gelegd.
Gewoon even je mond openen, zei de dokter naast mij.
Leon deed wat hem gevraagd werd. De dokter keek aandachtig en maakte aantekeningen op een tablet.
Bij mij ging het minder makkelijk. Mijn hart bonsde in mijn borst en ik voelde hoe mijn handen begonnen te zweten.
Adem rustig, zei hij. Het duurt maar een moment.
De lamp boven mijn gezicht was fel en verblindend. Ik hoorde lucht uit een klein apparaatje blazen en het zachte tikken van instrumenten tegen metaal.
Naast mij klonk de stem van de andere dokter.
Ik denk dat ik al weet wat er moet gebeuren, zei hij tegen zijn collega.
Ja, antwoordde de ander. Dat denk ik ook.
Even later kwamen er twee assistentes de kamer binnen. Ze rolden een klein karretje met apparatuur en infuuspaal naar ons toe.
De apparaten begonnen zacht te piepen terwijl ze alles instelden, de naald van het infuus werd in onze arm geprikt.
Ik keek naar Leon. Hij lag stil in zijn stoel, maar zijn ogen waren groot.
Niemand vertelde ons precies wat er ging gebeuren.
En dat maakte het alleen maar spannender.
De assistente bereidde iets voor en fluisterde tegen ons dat we rustig moesten blijven liggen. Langzaam voelde ik mijn ogen zwaar worden en viel bijna in slaap. Leon lag naast me, stil en gespannen.
Toen ging de deur open en de artsen kwamen binnen. Hij keek naar ons en glimlachte op een afstand. Zo, jullie liggen er netjes bij, zei hij, terwijl hij onze rust bekeek. Lekker warm en comfortabel.
De stoel werd voorzichtig naar achteren gekanteld. Alles voelde vreemd en ongemakkelijk, maar niemand zei iets strengs. Alleen het geluid van zachte machines en het tikken van de klok vulde de ruimte.
Rustig maar, zei de arts kalm. Het is allemaal routine. Niets om bang voor te zijn.
Ik kon voelen dat Leon naar me keek, zijn ogen groot van spanning. Zelf probeerde ik rustig adem te halen. De assistente controleerde alles nog één keer, en daarna lieten ze ons langzaam bijkomen.
Goedemorgen, zei de arts zachtjes. Alles is netjes verlopen, jullie zijn veilig en alles is onder controle.
Kort daarna kwamen de assistentes binnen met een schone luiers en wat we nodig hadden om ons comfortabel te maken. We voelden ons voorzichtig beter en konden rustig om ons heen kijken.
Ik probeerde iets te zeggen, maar het lukte niet. Alles voelde vreemd en vreemd stil. Leon en ik keken elkaar aan en beseften dat onze enige manier om te communiceren de bewegingen van onze handen en ogen was.
De artsen en assistentes keken even naar ons en knikten geruststellend. “Rustig maar, jullie zijn veilig. Alles gaat goed,” zei een van hen zachtjes. Daarna verlieten ze de kamer om even overleg te hebben.
Wij lagen daar stil, onze handen bewegend, elkaar proberen te begrijpen. Het voelde vreemd om niet te kunnen praten, maar tegelijkertijd hield het ons alert: we moesten op elkaar letten.
De kamer was stil, op het zachte gezoem van de machines na. Ik wist dat er een plan was, iets dat later zou volgen, maar voor nu moesten we afwachten en proberen rustig te blijven.
Leon keek me even aan en glimlachte een klein beetje. Zelfs in deze vreemde, ongemakkelijke situatie konden we nog contact maken—met onze ogen, onze handen, en ons verstand.
De kamer rook naar schoonmaakmiddel en zacht parfum, maar de spanning in mijn buik bleef. Wat er vandaag verder zou gebeuren, wisten we nog niet.
Na een kwartier kwamen de artsen binnen die wij eerder op de dag hebben gezien, ze namen naast ons plaats op de kruk. Zo jongens de laatste etappe.
De stoelen gingen weer naar achteren, jullie hoeven hier niet volledig onder verdoving, Misschien Andy wel maar we zullen kijken hoever we komen. Andy had nog steeds de klem in zijn mond.
We werden naar de stoelen geleid in een lichte behandelkamer. Overal hingen monitors, er stonden karretjes met instrumenten en op de wanden waren posters van anatomie en medische richtlijnen. Het rook naar ontsmettingsmiddel en steriele doekjes.
Even rustig blijven, jongens, zei de assistente kalm. Alles is voorbereid en veilig.
De artsen controleerden de monitors en legden uit wat er ging gebeuren. We zullen alleen lokale verdoving gebruiken, zodat jullie geen pijn voelen bij de behandeling, zei een van hen. Het kan een beetje vreemd voelen, maar het is veilig en tijdelijk.
Leon keek naar mij terwijl een klein apparaatje zachtjes over zijn kaak werd geplaatst. Het voelde koel en wiebelig. Ik hield mijn adem in terwijl de assistente voorzichtig een spuitje gereedmaakte, gevuld met een verdovingsmiddel Articaïne. Ze prikte alleen in de huid rondom het behandelingsgebied, niets meer.
Even laten inwerken, zei ze. Het voelde alsof de tijd stil stond. We konden nog steeds praten, bewegen en alles om ons heen zien. Alleen het gebied rond onze mond en kaak voelde langzaam zwaar en tintelend aan.
De artsen werkten nauwkeurig en rustig. Hun handen bewogen efficiënt, elk instrument zorgvuldig gecontroleerd. Ze controleerden onze reactie op de verdoving en stelden ons gerust.
Zo, alles ziet er goed uit, zei een van de artsen. Nu kunnen we veilig verder met het onderzoek.
We konden nog steeds communiceren met onze handen en blikken, maar het gevoel van medische precisie en controle in de kamer hield ons alert. Elk instrument, elke monitor, elk geluid droeg bij aan de spanning niet omdat het gevaarlijk was, maar omdat alles zo professioneel en klinisch voelde.
Hij zei zo we gaan beginnen, hij pakte een zijn instrumenten, even kijken, nou je bent niet echt zuinig geweest op je tandjes, langszaam vulde mijn luier zicht van angst, Leon zijn luier begon ik ook te ruiken, zo babytjes luiertje als goed gebruikt. Hij pakte zijn boor en begon in mijn tanden te boren en te frikken, hij begon achterin bij de kiezen, hij pakte een tang, ik dacht nee toch, en voor dat ik het wist waren al mijn tanden verwijderd. mijn luier was zo vies en nat dat ik een overstroom luier had en lag ik mijn eigen ontlasting op mijn rug. Nou beide nog even alles hechten en dan kunnen jullie weer meer met je mama en papa. Na 10 minuten was de arts klaar. En viel het tegen zei de arts, wij knikte allebei nee.
Laat alles maar rustig genezen, dan kunnen we als jullie groot worden nog wel implantaten plaatsen als je ouders dat willen. Maar voor zover zijn jullie klaar. Ik roep jullie mama binnen en vraag jullie gelijk te verschonen, dat mag gewoon op de stoel hoor.
Komt u maar binnen, Alles is goed uitgevoerd zoals van te voren besproken, Ze zijn volledig op jullie toevertrouwd, Je mag ze verschonen wanneer het jullie uitkomt, wel zal ik als advies geven dat er wel luiers en inleggers aangeschaft moeten worden, deze zal ik voorschrijven voor de apotheek, en worden dan afgeleverd bij jullie huis, ook zal ik er wat plasticbroekjes bij leveren. Ga eruit dat je ongeveer 6 a 8 luiers per dag. Oke en als het te weinig is laat het dan gerust even weten dan pas ik dit aan.
Zal ook een aantal flessen bestellen voor ze, een aantal rompertjes en overige baby attributen.
Ja mag ik ze nog even verschonen vroeg mama aan de assistente, anders word het zon vieze boel in de auto, zo jongens jullie hebben goed je best gedaan.
Ga maar eest even op de stoel zitten, het is helemaal boven je luier uitgekomen, ga eens staan viezerik, en je broertje is ook al zo vies.
Na een half uurtje waren de stoelen schoon, en hadden allebei weer een frisse witte luier om en kregen erover heen een t-shirt met de text wij zijn baby's voor 100 %, zo zei moeder lopen jullie mee naar de auto, maar ik gaf de romper aan moeder, nee jullie lopen maar zo mee naar de auto.
Wij waggelde achter onze moeder aan, onderweg kwamen we nog andere mensen tegen, kijk eens wat schattig zeiden ze. grote Baby's.
Aangekomen thuis werden we uit de auto geholpen, zo welkom thuis, wij hebben spullen besteld voor jullie, een stoel, schommelpaard, commode, wieg, box enz.
Gaan jullie maar lekker samen in de box spelen.
Toen ging de bel, dit was de apotheek, wij hebben begrepen van de arts dat de luiers met spoed besteld moesten worden, ik heb nu 20 pakken ultima met absorin inleggers bij mij, volgende week leveren wij de rest. Plastic broeken moeten wij ook nog naleveren.
Oke zei moeder, en we leefden nog lang en (gelukkig) als baby verder.
Laatst bewerkt:
